Berichten

Dat het gedrag van Boris vanaf zijn tweede verjaardag niet 1-2-3 anders zal zijn snap ik ook echt wel. Net als dat ons lieve zoontje nu soms al heel ‘humeurig’ kan zijn terwijl hij nog geen twee is. Maar toch, je leest genoeg over de ‘terrible two’… Zal hij langzaam veranderen in een peuterpuber? En is dit iets om ons zorgen over te maken? Ik ben graag goed voorbereid, dus ik zocht het uit…

Nee

Iedereen kent het wel, ‘ik ben twee en ik zeg nee!’. Dit start vaak tussen anderhalf en twee jaar. En dit eindigt zo rond de vier jaar lees ik net op de site van Ouders van nu. Dat is nog wel even een tijd zeg! Ook lees ik dat nee zeggen en het hebben van driftbuien een manier zijn om een individueel persoon te zijn met een eigen wil. De nee-fase is bij Boris zeker al aangebroken. Overal zegt hij nee op, ook al wil hij het wel. Maar dan zegt hij: ‘Nee, ja!’ 😉 Ook laat hij al erg merken dat hij overal graag bij wil zijn en hetzelfde wil. ‘Ik ook’ zegt hij dan. Met dat eigen willetje gaat het dus ook al goed.

Driftbuien

Voordat ik een kind had wist ik precies hoe het moest als ik bijvoorbeeld een kind op de grond in de supermarkt zag liggen die compleet over zijn/haar toeren was. Gewoon weglopen en met rust laten. Hij komt vanzelf weer… 😉 Daar ben ik al wel van teruggekomen! Onze zoon maakt het niet heel veel uit of papa en/of mama wel of niet in de buurt is! Gelukkig hebben we nog geen supermarkt drama’s meegemaakt maar hij loopt gerust een hele andere kant op als wij. Net als bij de nee-fase horen driftbuien hier ook bij. Dit met dezelfde redenen: je peuter gaat de grenzen opzoeken.

Zelf doen

Oow ja, hier zitten we middenin! Boris wil alles, maar dan ook álles zelf doen! Dat kan hij natuurlijk nog helemaal niet maar dat maakt hem niets uit! Een oh wee als je het dan toch voor hem gaat doen… dat kan ik maar beter vermijden. Gelukkig komt ie wel bij me als het hem uiteindelijk, na heel lang proberen niet lukt. ‘Mama helpen?’ zegt ie dan. Heel goed dat hij alles wil ontdekken maar af en toe ook wel een beetje lastig, bijvoorbeeld als je haast hebt!

Wat kunnen we doen?

De drie R’s

Dat rust, regelmaat en reinheid bij een baby van belang zijn, dat had ik snel door. Maar nu mijn kind bijna twee is, dacht ik dit wel een beetje los te kunnen laten. Maar nee hoor, de drie R’s blijven van groot belang in het leven van je kind… Zelf heb ik dat ook wel gemerkt, na een paar keer een misverstand te hebben gehad bij de fietsen, geef ik nu voor ons tripje aan dat Boris bij mama op de fiets gaat zodat hij weet dat hij dit tripje niet op zijn eigen fiets mag gaan doen. Voorkomen is beter dan genezen zeg maar 😉.

Ga niet overal op in

Als je kind op alles nee zegt hoef je niet overal tegenin te gaan. Hij doet dit ook vaak om te kijken naar jouw reactie. Gewoon een beetje negeren dus.

Consequent zijn

Wees altijd consequent, nee is en blijft nee. Mag het deze keer niet, dan mag hij morgen ook geen slokje van jouw frisdrankje bijvoorbeeld. Zo weet je peuter weer wat hij kan verwachten. Het is soms wel heel lastig om altijd één lijn te trekken, het is bijna niet te doen toch? Maar ik denk wel dat het het beste is..

Hoe reageren

Hoe moet je nou reageren op zo’n driftbui? Ik lees op Ouders van nu dat het goed is om empathie te tonen wanneer je kindje een driftbui heeft. Ook is het belangrijk om vooral rustig te blijven en zelf niet boos te worden. Ik heb dit afgelopen weekend al eens geprobeerd, Boris was heel verdrietig over iets onbenulligs maar toen ik zijn probleem erkende en hem troostte was het op zich snel afgelopen! TOP! Dit zal ook vast niet altijd werken of met elke situatie matchen maar voor de keren dat het wel werkt is het mooi meegenomen toch!

Gelukkig!

Het is een goed teken dat je peuter zo eigenwijs is. Naast het feit dat hij een stap maakt in zijn zelfstandigheid, laat dit gedrag ook zien dat hij zich veilig en vertrouwd voelt bij jou. Hij durft dwars te zijn en weet dat jij, ondanks zijn driftige gedrag, toch van hem houdt.

Lees ook Muriël haar blogs: Theatervoorstelling én peuter. Een goede combinatie? De top 5 van de favoriete uitjes van mijn peuter

Toen wij (ruim 1,5 jaar geleden) op zoek gingen naar een geschikt kinderdagverblijf voor onze toen nog ongeboren kleine meid, bezochten we twee locaties bij ons in de buurt. En hoewel we natuurlijk hebben gelet op bijvoorbeeld de hygiëne, de leidsters, en het pedagogisch beleid, hebben we onze keuze vooral gemaakt op basis van gevoel.

Lutjepotje

Dat gevoel was bij de eerste locatie die we bezochten gewoon niet-zo-goed (en dat is zacht uitgedrukt). De leidsters waren al wat ouder, sommige kinderen sliepen buiten in een lutjepotje (inmiddels heb ik daar niet meer persé iets op tegen, maar als mama-to-be wilde ik écht niet dat mijn kindje buiten zou liggen), en toen we binnenliepen kwam een walm van vieze luchtjes op ons af. Tijdens de rondleiding zag ik een kindje met een enorme snottebel lekker sabbelen aan een boekje, en even later zag ik een ander het kind hetzelfde boekje (inmiddels doorweekt van snot) in haar mond stoppen. IEL!! Ik was dan wel blue in de wereld van de kinderdagverblijven, maar één ding wist ik zeker: hier ging mijn kindje niet naar toe!

Welcome-to-the-kdv-life

Eenmaal thuisgekomen deelde ik mijn ervaringen via de groepsapp met mijn vriendinnen. Die kwamen niet meer bij van het lachen. “Dat hoort er écht allemaal bij”, zei de één. En “welcome to the kdv-life” was de reactie van de ander.

Lees ook: Blog Muriel – Kinderopvang kiezen? Vergeet hier niet aan te denken!

Met frisse tegenzin gingen we een week later kijken bij het tweede kinderdagverblijf. Dit keer ging ik er heen met minder hoge verwachtingen. Toen we de deur openden bereidde ik me voor op een walm van poep- en piesgeuren, maar eerlijk is eerlijk: ik rook niks. We kregen een rondleiding en ik zag leuke, enthousiaste leidsters van ongeveer mijn eigen leeftijd. Er was geen lutjepotje aanwezig en er werd de kinderen (hoe klein ook) veel geleerd door middel van thema’s en een pop. Ik was blij verrast en onze keuze was gemaakt: hier durfde ik onze kleine meid wel achter te laten.

Horizontale groepen

Zoals ik al zei, we kozen dus voornamelijk op basis van gevoel. We dachten niet echt na over het feit dat dit kinderdagverblijf werkte met horizontale groepen. Bij een kdv die werkt met horizontale groepen worden de kindjes onderverdeeld op basis van leeftijd en ontwikkelingsfase. Bij welke leeftijd die verdeling precies wordt gemaakt verschilt per kinderdagverblijf. Bij ons kdv betekent dit dat er een groep van kindjes van 0 tot ca. 1,5 jaar is, en dat er groepen zijn met kindjes van 1,5 tot 4 jaar. Het eerste jaar dat Vayèn naar het kdv ging, stonden we daar eigenlijk amper bij stil.

Totdat de leidsters aangaven dat Vayèn naar de grote groep zou gaan. Ze was toen zo’n 13 maanden. In mijn ogen nog héél klein, en bovendien kon ze nog niet lopen. Ik zag als moeder ontzettend op tegen deze overstap. Mijn lieve kleine meisje, tussen al die grote(re) kindjes, zonder dat ze echt mee kon spelen…. Als dat maar goed zou gaan.

De overstap naar de grote groep

In aanloop naar haar overplaatsing ging Vayèn al een paar keer wat uurtjes meespelen bij de grote kindjes. Als ik vroeg hoe het gegaan was kreeg ik steevast het antwoord “Vayèn moest nog wel even wennen”, wat in mijn hoofd gelijk stond aan “ze vond het helemaal niet leuk en zette het op een krijsen zodra we haar beneden brachten”. Maar na een paar weken wennen was het toch echt zo ver: Vayèn moest naar de grote groep. En hoewel ons meisje het altijd ontzettend leuk vond op het kdv, en we haar nog nóóit huilend hadden achtergelaten, was dat nu ineens wel anders. Elke keer als ik haar wegbracht, klampte ze zich aan me vast en begon ze te huilen als ik aanstalten maakte om weg te gaan. En ook als we haar ‘s middags ophaalden, zat ze bij één van de juffen op schoot, met een speentje in haar mond (die ze normaal alleen maar in bed krijgt). Ze vond die grote groep maar niks (en papa en mama dus ook niet).

Terugdraaien was niet echt een optie, en dus zetten we door. En na een paar keer zagen we gelukkig verbetering. Toen Vayèn eenmaal zelf kon lopen (en dus wat meer mee kon doen met de grote kindjes) was het probleem eigenlijk opgelost, en inmiddels gaat ze (gelukkig!) weer met veel plezier naar het kinderdagverblijf.

Horizontaal vs. verticaal?

Zou ik achteraf dan hebben gekozen voor een kinderdagverblijf met verticale in plaats van horizontale groepen? Ik weet het niet. Maar mijn tip voor jou is wel om bij het kiezen van het kdv stil te staan bij de indeling van de groepen en dit mee te laten wegen in jullie keuze.

Zit jouw kindje in een horizontale of verticale groep? Was dat een bewuste keuze? En wat zijn jouw ervaringen?

Lees ook: Ode aan de KDV-leidster

Lees ook: Origineel juffencadeau

Iedere woensdag en vrijdag ben ik vrij en dan breng en haal ik mijn dochter van school. En iedere dag komt ze weer met dezelfde vraag. ‘Mag er iemand komen spelen?’ Zolang ik niks gepland heb of niet weg moet vind ik dat prima. Ik vind het ook wel leuk om te zien dat ze met veel verschillende kindjes speelt. Ze is een beetje allemansvriend. Vandaag was weer zo’n dag. Er kwam een vriendje bij ons spelen. We liepen met z’n allen naar huis toe. Ik maakte een broodje voor Lynn en haar vriendje en bracht mijn zoons naar bed. Na het eten speelden ze even op de trampoline, maar kwamen al snel naar binnen om een spelletje te spelen. Altijd leuk!

Groen is niet oké

Het werd het spel Max de Mepper. Lynn ging voor de gele poppetjes en haar vriendje voor de blauwe poppetjes om mee te spelen. Ik zette alle poppetjes op het spel en daarbij ook de groene poppetjes die nog over waren. Dat was achteraf een grote fout geweest. Ze begonnen met het spelletje en toevallig stonden de groene poppetjes voor haar vriendje zodat hij daar mee ging spelen. Nou daar was Lynn het dus niet mee eens. De laatste tijd kan ze nogal dramatisch zijn als het niet helemaal gaat zoals zij dat wil en dit was dus ook zo’n geval. Ineens wilde zij juist met de groene poppetjes spelen dus ze werd boos. Ik zei dat ze normaal moest doen en dat het toch niet uitmaakte met welke kleur je speelde. Als je maar plezier hebt samen. Helaas dacht zij daar toch anders over.

Ze werd alleen maar bozer en ging toch wat hysterisch doen. Uit ervaring weet ik helaas dat het niet veel zin heeft om rustig tegen haar te praten. Haar dingen uit te leggen. Het komt niet bij haar aan. Dan maar even op de gang om af te koelen. Dat maakte de boel nog erger. Op een gegeven moment kwam ze terug de kamer in en ging ze verder met schreeuwen en huilen en boos doen. Toen heb ik haar aangepakt. Ik heb haar bij de arm gepakt (nee, ik het niet geknepen of geslagen hoor) en ben goed boos op haar geworden en ja ook mijn stem even flink verheft. Dat is soms echt nodig om haar weer een beetje bij de les te krijgen. Haar vriendje ging naar buiten op de trampoline spelen en Lynn was binnen aan het afkoelen.

Daar waren de tranen

Ik dacht dat hij lekker op de trampoline aan het springen was, maar toen ik keek zat hij in een hoekje van de trampoline te huilen. Oh nee toch, heb ik dat gedaan? Hij was toch wel behoorlijk overstuur. Wat voelde ik me weer lullig. Ik maak gewoon een kind van iemand anders aan het huilen. Ik vroeg hem of hij moest huilen, omdat ik zo boos op Lynn werd. Ja dat was helaas de reden. Dus ik vroeg hem of zijn moeder nooit boos op hem werd. Nee zijn moeder werd nooit boos op hem. Ben je altijd heel lief dan? Vroeg ik. “ja, ik ben altijd lief” zei hij tegen mij. Toevallig wist ik dat dat niet helemaal waar was. Dus ik kon me niet voorstellen dat zijn moeder nooit boos op hem werd.

Ik heb hem geprobeerd gerust te stellen en uitgelegd dat ik wel eens boos ben op Lynn als ze heel vervelend is of totaal niet luistert, maar dat dat helemaal niet erg is. We zijn allemaal wel eens boos op elkaar. Soms is dat even nodig en daarna is alles weer goed en zijn we heel lief voor elkaar. Zijn verdriet werd niet minder en een ijsje hielp ook niet. Hij wilde naar huis toe, naar zijn mama. Dus ik met het schaamrood op mijn wangen zijn moeder opgebeld. We waren nog geen uur thuis.

Eind goed al goed

Toen zijn moeder aankwam vloog hij haar in de armen. Eindelijk werd hij rustig. Na een paar minuten was hij weer rustig en toen wilde hij wel een ijsje en ook nog even spelen met Lynn. Ik ben samen met zijn moeder in de tuin gaan zitten. Genieten van het weer. Wat bleek nou. De jongen had toch gelijk. Zijn moeder werd nooit boos op hem, dat kon ze niet! Geen wonder dat hij hier zo van schrok Hij kent zoiets helemaal niet. Gelukkig eindigde het allemaal goed en hebben ze nog de hele middag samen gespeeld zonder huilen of boos te zijn.

 

Wat heb ik me toch lullig gevoeld en dat doe ik nog steeds als ik er aan denk. Waarom moest juist mij dat weer overkomen?! Voortaan als er iemand komt spelen zal ik waarschijnlijk wat anders met zo’n situatie omgaan. Ik wil het niet nog een keer op mijn geweten hebben dat er een kind huilt door mijn toedoen.

Jody

 

 

 

Nadat Nova de vorige keer behoorlijk overstuur was toen ik hem op de peuterspeelzaal achterliet was ik benieuwd hoelang dat zo door zou gaan. Zelfs in groep 1 van de basisschool is de juf nog regelmatig kinderen aan het troosten die niet willen dat papa of mama weggaat. En regelmatig dezelfde kinderen. Als dit maar niet week in, week uit hetzelfde blijft bij Nova. Dan gaan het voor hem en voor mij hele zware ochtenden worden.

Eerst maar eens kijken hoe het afscheid de keren daarop zal gaan.

De tweede keer

We waren een week verder en het was tijd voor zijn tweede ochtend bij de peuterspeelzaal. Hij had het al precies in de gaten. Zijn jas moest weer aan en hij stopte zelf zijn knuffel in de tas, omdat ik dat vorige keer ook had gedaan. So far, so good. De tas moest natuurlijk op zijn rug. Samen met zijn zus Lynn liep hij naar school toe. Je kon echt merken dat hij er zin in had. Ja toen nog wel! En ja hoor, toen we in het lokaal van de peuterspeelzaal aankwamen was het weer precies zoals de week ervoor. Dikke tranen. Ik heb hem gauw een kus en een knuffel gegeven en ben er vandoor gegaan. Weer heb ik om de hoekje gestaan om naar het gehuil te luisteren. Ik zag dat de juf hem in de armen had en ze samen aan het rondlopen waren in het lokaal. Na een paar minuten hield het huilen op en kon ik weer met een gerust hart naar huis toe. Gelukkig was hij dit keer een stuk sneller over zijn verdriet heen dan de week ervoor. Dat gaat de goede kant op.

De derde ochtend

Hij ging nu voor de derde keer naar de peuterspeelzaal. Weer hetzelfde riedeltje als die weken ervoor. Knap eigenlijk dat het bij die kinderen al zo snel in hun systeem zit. Ze weten precies wat ze moeten doen na zo’n korte tijd. Daar stonden we voor het lokaal en het was drukker dan normaal. Gelijk zijn knuffel maar weer gegeven, want die zal Nova wel nodig hebben. Met zijn lievelingsknuffel in zijn hand kan hij alles toch wat beter aan. Hij was een beetje overrompeld door de drukte van de andere kinderen. Hij bleef heel dicht bij mij staan en keek naar alles wat er in het lokaal gebeurde. De juf ging de Playmobil pakken uit een andere kamer en vroeg of de kinderen met haar mee wilden lopen. Ze vroeg het ook aan Nova. En hoewel hij in zijn knuffel gedoken zat liep hij toch achter de juf aan met de rest mee. Ik kon zo weglopen. Geen gehuil of iets. Dat was een fijn gevoel zeg.

Dit gaat goed

De volgende ochtend had hij er weer iets meer moeite mee. Hij wilde me niet zo makkelijk loslaten. Dus ben ik maar samen met hem op de bank gaan zitten en de juf kwam er naast zitten met een boekje. Dat vond hij wel interessant. De juf pakte hem over en weer kon ik redelijk makkelijk weglopen. Iedere ochtend gaat het afscheid steeds wat beter. Hopelijk kan Nova mij over een paar weken met een lach op zijn gezicht uitzwaaien. Dat zou helemaal top zijn. Ook voor mijn gevoel.

In de middag kreeg ik een foto doorgestuurd van mijn moeder die Nova altijd ophaalt van de peuterspeelzaal. Hij had een mooie bakkersmuts op. Schijnbaar hebben ze lekker staan bakken daar, dus hij kreeg wat broodjes mee naar huis en een mooie muts. Hij straalde helemaal vertelde mijn moeder. Daardoor had hij zoveel bekijks. Er stopte zelfs een auto om naar die trotse jongen van ons te kijken.

De laatste keer voor de vakantie

Zijn laatste ochtend voor de zomervakantie. We waren aan de late kant dus we brachten eerst zijn zus naar haar klas en toen liep ik door met Nova. Zijn tas opgehangen en zijn jas uitgedaan. Dat gaat altijd met een beetje moeite omdat hij die op één of andere manier graag aan wil houden. Zijn knuffel had ik expres in de tas gelaten. Kijken of hij het dit keer zonder kon. We liepen samen het lokaal in. Dat begin blijft toch een beetje eng voor hem. Hij klampte zijn armpjes om mijn nek. Ik probeerde hem aan het spelen te krijgen, maar dat was nog iets te snel. De juf pakte hem over van mij zonder problemen. Ik gaf hem nog een dikke knuffel en een kus en samen met de juf ging hij mij uitzwaaien.

Nou ja, uitzwaaien is het niet geworden. Maar ik vond het al fijn dat ik dit keer niet weg hoefde te sluipen/rennen. Hij heeft me de hele tijd nagekeken tot ik uit het zicht was. Daarna is hij lekker gaan spelen en kreeg ik later op de ochtend nog een super schattig filmpje van mijn kleine schatje die leuk aan het dansen was.

Zo leuk om te zien dat hij zich daar goed vermaakt. Erg jammer dat er nu zo’n lange vakantie tussen zit. Ik ben bang dat het dan weer van voor af aan begint. Gelukkig weet ik nu ook dat hij zich snel op zijn gemak zal voelen daar.

En wat betreft Nova’s ontwikkeling? Sinds kort praat hij met twee woorden, hij praat ons vaak na en komt zelfs met woorden waarvan we niet wisten dat hij die kende. Of dat nou allemaal door de peuterspeelzaal komt dat weten we niet, maar om te horen hoe leuk hij het daar heeft en hoe lief hij daar is geeft ons wel de bevestiging dat dit zeker een goede keuze voor hem was.

We denken erover om hem nog een ochtend naar de peuterspeelzaal te brengen. Leuk voor hem, goed voor zijn ontwikkeling en dan heb ik ook even quality-time met de jongste. Dat zou ook leuk zijn!

Jody

 

In mijn vorige blog vertelde ik jullie over de zorgen die we hadden over zijn ontwikkeling. We weten dat je kinderen niet moet vergelijken, maar uiteindelijk komt er een punt dat je dat toch gaat doen. Zijn zus Lynn kletste namelijk op haar tweede al flink, dus vroegen we ons af waarom hij een jaar lang op alleen papa, mama en kaka bleef steken.

We hadden dus besloten om Nova naar de peuterspeelzaal te brengen. Hopelijk is hij daar anders dan thuis, anders kon de juf haar handen nog wel eens vol aan hem hebben. Want hij kan nogal snel van zich afslaan. Zijn zus Lynn moet het dan ook regelmatig ontgelden. Willen ze beide met het zelfde speelgoed spelen, dan kan zij rekenen op wat klappen op haar hoofd en een flinke ruk aan haar haar. Als hij boos op mij is omdat hij iets niet mag haalt hij ook snel uit. En altijd maar weer dat drinken op de grond gooien L. Om moe van te worden.

Peuterspeelzaal

Het was zover. Nova’s eerst ochtend op de peuterspeelzaal. Ik vond het allemaal best spannend. Hoe zou hij het vinden? En krijg ik het wel voor elkaar om hem daar achter te laten? Schreeuwt hij geen moord en brand als ik weg wil gaan? Zal hij lief zijn en goed luisteren?

Ik had mijn wekker expres wat eerder gezet dan normaal. Want waar ik normaal gesproken alleen hoefde te zorgen dat Lynn helemaal klaar was voor school had ik er nu nog één die aangekleed en al moest zijn om kwart over acht. De jongens, Nova en zijn broertje Joah, gingen op die dag altijd naar mijn moeder toe. Die kon ik dus in hun pyjama zo in de auto zetten. Dus nu op tijd eruit, aankleden, zijn haar doen en een broodje eten. Toen zijn jas aan en zijn rugtas om. Dat vond hij helemaal mooi, zijn zus Lynn deed dat ook iedere dag en nu mocht hij ook. Daar liepen ze samen, met hun rugtasjes om en er werden zelfs handjes vast gehouden. Wat zijn het toch een schatjes, smelt!

Afscheid nemen

Lynn liep mee naar de peuterspeelzaal, gaf hem een dikke knuffel en ging toen gauw naar haar eigen klas toe die twee deuren verderop zat. We kwamen binnen en er was nog niks aan de hand. Totdat de juf tegen hem begon te praten en haar armen voor hem opende. ‘Kom maar hier’ zei ze. Nou daar dacht Nova toch echt anders over. Hij kroop in mijn armen en zette het keihard op het huilen. Wat zielig zeg. Het is natuurlijk ook eng om ergens naartoe te gaan waar je niemand kent. Gelukkig kende ik zijn juf al van de tijd dat Lynn naar de kinderopvang ging en weet ik dat ze super leuk is met kinderen en vooral heel lief voor ze. Ik pakte snel zijn lievelingsknuffel erbij, hopelijk werd het verdriet hierdoor wat minder. Maar nee hoor, zelfs die kon het verdriet nu niet verzachten.

Ondanks dat hij het niet wilde gaf ik Nova aan de juf, want ik heb wel geleerd dat het echt het beste is om het afscheid zo kort mogelijk te houden en zo snel mogelijk weg te gaan. Anders maak je het alleen maar erger. Ik zei gedag en liep snel weg. Om het hoekje waar hij me niet kon zien bleef ik staan om te luisteren en te wachten totdat hij rustig werd. Verschrikkelijk om je kleine mannetje met zoveel verdriet te zien. Er bleef een andere moeder bij mij staan en die liep heel lief voor mij een paar keer terug om te kijken hoe het met Nova ging. Na ongeveer tien minuten was hij eindelijk gekalmeerd en kon ik met een gerust hart naar huis toe.

Een foto

In de loop van de ochtend kreeg ik een paar foto’s van de juf doorgestuurd. Het ging allemaal goed met hem en hij deed heel lief mee. Wat fijn zeg, en wat super dat ze tussendoor dus nog wat foto’s sturen. Een foto zegt meer dan duizend woorden.

De juf vertelde me dat hij lekker gespeeld had. Tijdens het buitenspelen zag hij Lynn nog op het andere schoolplein. Dat is natuurlijke hartstikke leuk en gelukkig vond hij het niet erg dat Lynn weer terug naar haar klas ging. Ze vertelde mij ook dat hij netjes fruit gepakt had om daarna weer op zijn stoeltje te gaan zitten. Dat doet hij thuis echt niet hoor! Hij had het heel goed gedaan voor een eerste dag. En het belangrijkste, hij vond het zelf erg leuk en wilde wel nog een keer naar “school” toe.

Dus uiteindelijk viel het allemaal wel mee. Gelukkig maar. We hebben Nova een beetje onderschat. Buiten het “dramatische” afscheid was hij een schatje. Of het afscheid iedere keer zo “dramatisch” is en of het te merken is in zijn ontwikkeling dat hij naar de peuterspeelzaal gaat lees je in mijn volgende blog.

Jody

 

Ik ben nog net niet aan het aftellen op het werk, maar toe aan vakantie ben ik zeker! Even niks. Geen werk. Geen verplichtingen. Alleen maar leuke dingen doen met het gezin. Mag het alsjeblieft vandaag al zo ver zijn?
Maar nee, nog even werken én niet geheel onbelangrijk een bestemming zoeken. Het wordt een last minute. Iets met zon, zwembad en ijs. Dat zijn namelijk de wensen van onze dochter. Gelukkig niet heel ingewikkeld, dus dat moet lukken. Maar toch zoek ik met enige aarzeling naar een vakantiebestemming.

Fiasco

Waar we zonder enige twijfel met ons toen tien maanden oude dochtertje 16 uur naar Bali vlogen, zie ik er nu opeens tegen op om met twee kids te vliegen. Waarom? Geen idee! We zijn gezegend met twee makkelijke kids dus daar ligt het niet aan. Nee, het ligt aan mama. En tja feit is… als mama stress heeft dan gaan de kindjes dat overnemen. Dat kan alleen maar een fiasco worden dus.

Nou, dus niet

Dat laat ik écht niet gebeuren. Want één: ik kan niet wachten om naar de zon te gaan! Twee: we gaan een vliegvakantie toch niet opgeven alleen omdat ik er tegenop zie?! Drie: ik ben al helemaal niet het type dat zich daarbij neerlegt. Ik moet én wil er dus wat aan doen. Een kleine analyse is dan toch op zijn plaats: want waar zie ik eigenlijk het meest tegenop? Nou…

Ontroostbaar

Huilen oké. Dat doen alle kinderen. Maar ontroostbaar huilen. Pff. Veeg mij maar op. Machtelozer kan ik me dan niet voelen. Een andere houding, andere omgeving of even wandelen. In de meeste gevallen is dat wat werkt. En laat dat nou net het probleem zijn in een vliegtuig. Vooral op Europese vluchten kun je je kont vaak niet keren en een andere omgeving… dat is sowieso geen optie. Tenzij het toilet telt.

De oh-nee-ze-zitten-achter-ons blikken

Van nature ben ik iemand die het de ander graag naar zijn zin maakt en vooral de ander niet tot last is. Dat laatste mislukt dus sowieso. Want als ouders met jonge kinderen zijn wij ongetwijfeld de meest ongewenste medepassagiers. Die oh-nee-ze-zitten-achter-ons blikken trek ik me toch aan. Maar wat kan ik er aan doen?

Don’t move

Dochterlief is bijna drie als we gaan. Dat betekent de volle mep betalen máár dan heeft ze wel haar eigen stoel. Top! Onze kleine vent (bijna één) daarentegen moet bij paps of mams op schoot. Als hij nou wat rust in de kont had, was dat natuurlijk geen probleem. Helaas, niets is minder waar. Langer dan de duur van het leegdrinken van zijn flesje gaat hij niet stil bij ons op schoot zitten. Hmm…

Vermaken

Vermaken dus die handel. Maar waar vermaak je je kinderen mee in het vliegtuig? Welk speelgoed is klein genoeg om mee te nemen in de handbagage? En wat voldoet aan de (zeer) korte spanningsboog van de kinderen? Je begrijpt het, ik heb hulp nodig!

Slapen

Slapen op schoot, dat doen ze eigenlijk alleen als ze ziek zijn. Geen idee dus of ze dat in het vliegtuig ook gaan doen. Keihard duimen voor gunstige (niet tijdens slaaptijd) vliegtijden?

Doemscenario

Vertraging betekent eigenlijk gewoon alle voorgaande punten in het kwadraat! Kortom: het doemscenario!

 

Eigenwijs als ik ben, wil ik toch gaan vliegen. Dus ik heb jullie hulp nodig. Hebben jullie tips om de reis te overleven of er misschien gewoon een feestje van te maken?

Muriël

Iedere moeder weet het: bevallen is geen pretje. Ik geloof oprecht dat een bevalling op vrijwel elke vrouw veel impact heeft, en ik durf ook best toe te geven dat mijn bevalling één van de meest ingrijpende (of moet ik zeggen traumatische) ervaringen is die ik in mijn hele leven heb meegemaakt. Dat zegt gelukkig ook wat over de rest van mijn leven ?.

Mijn bevalling was vreselijk. Maar gelukkig werd er direct na de keizersnede erg goed voor me gezorgd. In het ziekenhuis werd me van alle kanten ‘hulp’ aangeboden. Zo werd me aangeraden om niet te snel naar huis te willen: in het ziekenhuis hadden we immers 24/7 hulp en aangezien ik nog niet veel kon was dat geen overbodige luxe. Ook werd me verteld dat we dankzij de pittige bevalling recht hadden op extra dagen kraamzorg en dat we daar vooral gebruik van moesten maken. En meerdere keren werd erop aangedrongen een afspraak in te plannen met een psycholoog of met de gynaecoloog om de bevalling te bespreken.

Ja, voor mama werd goed gezorgd. Ik kreeg werkelijk alle hulp die ik maar wensen kon. Maar dat de bevalling niet alleen voor mij erg heftig was geweest, daar stonden we toen nog niet bij stil.

Huilen, huilen en nog eens huilen

Tot we na enkele dagen thuis besloten dat Vayèn wel erg veel huilde. Natuurlijk, een baby huilt. En sommige baby’s huilen net even wat meer dan een ander. Maar Vayèn huilde heel veel. En áls ze huilde, was ze met geen mogelijkheid stil te krijgen. In de eerste weken na de bevalling heb ik meerdere keren mijn moeder of schoonmoeder gebeld en gevraagd of ze me alsjeblieft wilden helpen. Ik voelde me een slechte moeder: want welke moeder kan haar eigen kind nou niet stil krijgen? Regelmatig huilde ik met Vayèn mee.

Gewoon wat krampjes

En natuurlijk dacht ik soms “dit is niet normaal!”, maar dan Googelde ik wat, en kwam ik weer tot de conclusie dat het vele huilen er nou eenmaal bij hoorde. Totdat mijn moeder en schoonmoeder los van elkaar aangaven dat ze ook vonden dat Vayèn wel erg veel huilde. Dus toch maar een afspraak gemaakt op het consultatiebureau. De arts hoorde me aan, maar concludeerde dat het huilen er nou eenmaal bij hoorde, en volgens haar waren het gewoon wat krampjes. “Heeft echt elke baby”, verzekerde ze me. “Even doorzetten”. Met tranen in mijn ogen verliet ik het consultatiebureau.

Verstoord evenwicht

Tijdens weer een avond op de bank met in de ene arm een gillende baby en in mijn andere hand een telefoon waarop ik eindeloos zocht naar oplossingen, las ik over de impact van een bevalling op de baby. Een heftige bevalling kon er voor zorgen dat het evenwicht in het lichaam van een baby verstoord kon zijn. Dit kon resulteren in eindeloos huilende en gillende kinderen. Je snapt dat mijn interesse was gewekt.

Osteopathie

Osteopathie zou dit natuurlijk evenwicht weer kunnen herstellen. Een osteopaat stimuleert tijdens één of meerdere behandelingen het “zelfgenezend vermogen” van het lichaam van de baby. En volgens diverse sites kon een osteopaat veel problemen bij baby’s verhelpen. Tsjah… Eerlijk is eerlijk, ik vond dit nogal zweverig klinken, en ook mijn vriend deed er een beetje lacherig over. Toch wilden we graag dat het huilen zou stoppen en hadden we inmiddels zoiets van baadt het niet dan schaadt het niet, dus maakte ik een afspraak.

Kwakzalverij?

Toen ik bij de osteopaat binnenkwam, en hij me binnen vijf minuten wist te vertellen dat het hoofdje van mijn dochter tijdens de bevalling verkeerd had gezeten, dat ze daar last van had, én dat hij dat binnen drie behandelingen wel zou kunnen verhelpen, was ik tamelijk sceptisch. Met zijn handen voelde hij op verschillende punten op het lichaam van Vayèn en af en toe paste hij een bepaalde (ik noem het maar) massagetechniek toe. Ondertussen floot hij deuntjes, die ervoor zorgden dat Vayèn rustig bleef. Na een kleine twintig minuten stond ik weer buiten, en ondanks dat we een tweede behandeling voor een week later hadden ingepland, had ik min of meer al een conclusie getrokken: lekker makkelijk geld verdienen zo, wat een kwakzalverij!

Gevaarlijk?

Na mijn eerste ervaring bij de osteopaat, die niet vervelend maar toch op z’n minst bijzonder was, las ik voor de zoveelste keer de ervaringen van anderen. Ik stuitte voor het eerst op verhalen over de risico’s van osteopathie en andere alternatieve geneeswijzen. Volgens huisartsen zou het gevaar met name zitten in het “dubbelvouwen” of buigen van baby’s. Hierdoor zouden de luchtwegen bekneld kunnen raken en zou een kindje zelfs kunnen overlijden! Bah, wat een nare verhalen.  Ik begon te twijfelen of ik de tweede afspraak toch maar af moest zeggen, ondanks dat de osteopaat Vayèn absoluut niet had gebogen of dubbelgevouwen en enkel wat gemasseerd had.

Wondermiddel!

Maar na de eerste behandeling was Vayèn ont-zet-tend rustig. Ze sliep veel, en als ze wakker was, was ze over het algemeen vrolijk en rustig. Toeval? We wisten het niet zo goed. Maar toen ze ook de tweede en derde dag na de behandeling aanzienlijk minder huilde, kregen we vertrouwen in de behandeling. Eigenlijk ging het vanaf dat moment alleen maar beter, dus lieten we de tweede (en derde behandeling) gewoon staan. En eerlijk is eerlijk, na drie behandelingen bij de osteopaat hadden we voor ons gevoel een compleet ander kind. Wij zijn dan ook ontzettend blij dat we de stap genomen hebben, en in onze ogen heeft osteopathie toch echt wat weg van een wondermiddel!

Ook een osteopaat bezoeken?

Ik weet dat er veel tegenstrijdige verhalen te vinden zijn over osteopathie bij baby’s. Mijn verhaal heb ik zeker niet geschreven om andere ouders over te halen om naar een osteopaat te gaan, maar puur om mijn eigen ervaringen te delen. Mocht je twijfelen of je met jouw kindje wel of niet naar een osteopaat wilt gaan, lees je dan vooral goed in, bespreek het eventueel met de arts van het consultatiebureau of je huisarts en maak een bewuste keuze.

Natuurlijk ben ik wel benieuwd naar jullie ervaringen. Heeft osteopathie bij jouw kindje ook gewerkt?

Nadia

Ik heb (meestal) schatten van kinderen en ben erg gek op ze. Vaak huilen ze als ze pijn hebben, verdrietig zijn of ziek zijn. Dan ben ik er natuurlijk voor ze om ze te troosten, maar ze kunnen ook huilen om de meest belachelijke redenen. Hier de huilbuien van mijn kinderen waar ik zo moe van word!

1# Omdat ik zoals mijn dochter vroeg de bovenkant van de peer af sneed.

2# Omdat er een puntje van haar sok verkeerd zit.

3# Omdat zijn kleine broertje nog melk aan het drinken is die mijn zoon graag wil hebben.

4# Omdat ze echt niet met z’n drieën bij ons in bed kunnen slapen.

5# Omdat mijn dochter zich moet aankleden om naar een verjaardag te gaan. (Waar ze heel graag naartoe wil).

6# Omdat ze het speelgoed waar haar broertje mee speelt (en waar zij nog nooit naar omgekeken heeft) persé wil hebben!

7# Omdat zijn eten nog moet afkoelen.

8# Omdat hij zichzelf niet in mag smeren met sudocréme.

9# Omdat hij geen slokje wijn mocht.

10# Omdat ik het eten wat ze niet meer willen weg gooi.

11# Omdat haar koekje doormidden brak.

12# Omdat hij zijn zus niet mag slaan.

13# Omdat hij niet alle kasten mag leegtrekken.

14# Omdat ik het eten voor haar in stukjes gesneden heb.

15# Omdat ik per ongeluk de zak met koekjes al had opengemaakt.

16# Omdat er een beker op de salontafel staat en zij daar net op wilt dansen. (Ja hier mogen ze thuis op de salontafel dansen ;-))

17# Omdat hij toch echt niet nog een keer zijn bord met eten en al door de kamer mag gooien.

18# Omdat ik de deur van de gang dicht deed terwijl zij op de gang stond. Dit deed ik zodat haar broertje niet naar boven kon en ze prima de deur zelf open kan doen. (Serieus vijftien minuten staan huilen dat ik de deur open moest doen).

19# Omdat ze het broodje waar schimmel op zat niet mocht opeten.

20# En de allergrootste reden, omdat (mijn) kinderen geboren dramaqueens zijn!

Kijk ook op de pagina van rageagainsttheminivan op instagram voor nog meer geweldige redenen waarom kinderen huilen!

Hebben jullie thuis ook van die heerlijke dramaqueens op zijn tijd? Wat zijn de “belachelijke” redenen van jullie kinderen om te huilen. Laat het ons en onze lezers weten in een reactie!

Jody

Er zijn van die dingen, die je beter niet kunt zeggen tegen iemand die net moeder is geworden. Simpelweg omdat het niet leuk is. Het onderstaand rijtje is (serieus!) gebaseerd op eigen ervaringen. Mocht iemand zich nu aangesproken voelen…no offense, maar dan weet je dat je het bij een eventuele volgende baby niet weer moet zeggen ?.

#1 Gos ze wordt rood. Oohhh mijn god, ze wordt echt hárt-stik-ke rood!

Vayèn d’r ietwat rode lokken na de geboorte zijn inmiddels blond, maar wat is er überhaupt mis met rode haren?!

#2 Jééétje wat een reus!

Ja, mijn kind was een grote baby bij de geboorte, maar een reus? Kom op zeg! En dat terwijl de AH-caissière die dit tegen me zei, zelf ook niet bepaald slank was. Ik heb wijselijk mijn mond gehouden…

#3 Waarom voed je d’r eigenlijk op verzoek? Ze heeft wel wat reserves toch, zou je niet naar vaste tijden gaan?

Oh, dus als jij honger hebt, dan moeten we je ook voorlopig niks geven?

#4 Wanneer komt nummer twee?

Seriously? Ik ben nog aan het bijkomen van een hel van een bevalling, en weet niet of ik het ooit nog een keer aandurf, maar er zijn dus mensen die op kraamvisite al durven te vragen wanneer nummer twee verwacht wordt.

#5 Ze huilt wel veel zeg

Goh, bedankt voor de bemoedigende woorden. Waar ik mezelf op internet probeer te overtuigen van het feit dat baby’s nou eenmaal veel huilen, en dat dit dus hartstikke normaal is, zijn er dus mensen die het nodig vinden om me in één klap weer mega-onzeker te maken.

#6 Er moeten nog wel wat kilootjes af he?

Ja, dat klopt. Het feit dat de baby er uit is, betekent bij de meeste vrouwen helaas niet dat alle zwangerschapskilo’s meteen verdwenen zijn. Wederom bedankt voor het indeuken van mijn zelfvertrouwen.

#7 We dachten we vragen je nog maar niet, want je wilde haar vast nog niet naar een oppas brengen

Dat ik moeder ben, betekent zeker niet dat ik geen vriendin meer kan/wil zijn, of dat ik niet meer naar feestjes ga. Dus alsjeblieft, trek niet je eigen conclusies maar vraag het gewoon.

#8 Wanneer mag ik op kraamvisite komen? (vraag van kennis op dag van de bevalling).

Ja, we vinden het ontzettend fijn dat je zo geïnteresseerd bent en graag kennis wilt maken met onze kleine spruit. Maar nee, niet op dag 1. Mogen familie en vrienden eerst even komen kennismaken en mogen we zelf ook nog even wennen aan het feit dat we nu een gezin zijn? Dankjewel.

Nadia

Het begon tijdens onze zomervakantie. Onze dochter lag lekker te slapen tot ze ineens huilend wakker werd. We probeerden haar te troosten, maar ze raakte helemaal overstuur . We deden van alles om haar weer rustig te krijgen. We werden op een gegeven moment (uit machteloosheid) ook boos op haar. Niets hielp, het werd alleen maar erger. Waarom doet ze zo? Na een paar maanden kwamen we erachter dat onze dochter last van nachtangsten heeft.

Haar eerste nachtangst

In dezelfde vakantie als dat onze dochter van haar speen af kwam (blog: van de speen af) begonnen haar nachtangsten. Ze werd huilend wakker en keek ons aan met een lege blik in haar ogen. Als we haar aanraakten om haar te troosten werd het alleen maar erger. Ze begon dan nog harder te huilen en ook te schreeuwen. Probeerde van ons weg te lopen en rende heen en weer door de caravan. We snapten er niks van. Waarom doet ze ineens zo? Heeft ze een nachtmerrie gehad? Is dit een vraag om aandacht? Van alles hebben we geprobeerd. Lief zijn en troosten, bij haar liggen en boos worden. De eerste keer duurde het ongeveer een uur voordat ze weer rustig werd. Eindelijk ging ze weer slapen. De volgende dag hebben we het er met haar over gehad, maar zelf kon ze zich er niks van herinneren. Vanaf dat moment kwam het regelmatig voor. Na enige tijd googelen kwam ik erachter dat onze dochter last heeft van nachtangst.

Wat is nachtangst en hoe ontstaat het?

Nachtangst, ook wel Pavor Nocturnus genoemd, is een soort paniekaanval. Een kind dat hier last van heeft, is erg angstig en voelt zich bedreigd. Je kind lijkt wakker, maakt een verwarde indruk en kan compleet overstuur zijn. Ze kunnen zich tegen kalmeringspogingen van hun ouder(s) verzetten door te trappen en om zich heen te slaan. Alsof ze iets kwaads van zich af moeten houden. De meeste kinderen hebben tijdens deze nachtelijke angstaanvallen hun ogen open, terwijl ze niet wakker zijn. Het kind is onrustig en haalt vaak gejaagd adem. Ook is het niet te wekken of te troosten. Wanneer uw kind wakker wordt, heeft het geen herinnering aan de nachtelijke angsten.

De aanvallen treden meestal in de eerste helft van de nacht op. De nachtangst kan een paar minuten duren, maar soms zelfs een uur. Een kind kan gedurende een periode elke nacht last hebben van angstaanvallen. Maar het is ook mogelijk dat het weken of soms maanden niet voorkomt. Kinderen hebben er vaker last van dan volwassenen. Meestal komen deze nachtangsten voor tussen het derde en zevende jaar. Jongetjes hebben er bovendien vaker last van dan meisjes.

Artsen denken dat nachtangst veroorzaakt wordt door rijpingsproblemen van de hersenen. Wanneer de hersenen en het slaappatroon van een kind gerijpt zijn, gaan de angsten vanzelf over. Ook moeheid, stress, angst en nare ervaringen kunnen de oorzaak zijn van nachtangsten.

Wat kan je doen?

Dit kan je proberen om nachtangst te voorkomen:

  • Zorg dat uw kind voldoende slaap krijgt.
  • Zorg dat uw kind op regelmatige tijden naar bed gaat.
  • Zorg dat uw kind zich niet te druk maakt voor het slapen gaan.
  • Geef uw kind geen grote maaltijden voordat het gaat slapen. (Dit vergroot de kans op een aanval van nachtangst).
  • Zorg dat uw kind niet oververmoeid raakt.
  • Zorg dat ramen en deuren op slot zitten. (Zo kan uw kind het huis niet uit).

Dit kan je doen tijdens een aanval van nachtangst:

  • Blijf bij uw kind en zorg dat het zich geen pijn kan doen
  • Praat rustig tegen uw kind en stel het gerust.
  • Wees voorzichtig met aanraken totdat uw kind weer kalmer wordt. (Uw kind kan een lichte aanraking namelijk als aanval zien van datgene waar het bang voor is).
  • Uw kind wakker maken en troosten is niet verstandig. Daardoor wordt de paniek alleen maar groter.
  • Heeft uw kind deze angsten elke nacht op hetzelfde tijdstip. Maak het dan een half uur voordat de angst begint wakker. Haal het uit bed en houd het vijf minuten wakker. Breng uw kind daarna weer naar bed.

Bron: GGD Groningen

Hoe nu verder?

Met deze uitleg en het advies zijn wij het opnieuw gaan proberen. Als onze dochter weer huilend wakker werd ging mijn man of ik naast haar bed zitten en vertelden zachtjes dat papa en mama bij haar waren. Wat is het dan moeilijk om je kind niet aan te mogen raken om te troosten. We merkten wel dat het beter ging. Ze raakte niet meer zo erg overstuur als toen we haar wel probeerden te knuffelen. Als ze haar bed uit klom om heen en weer te rennen gingen we bij de trap staan om te zorgen dat ze daar niet van af zou vallen.
Mijn man kon haar tijdens een nachtangst wel optillen en kalmeren, maar als ik hetzelfde probeerde raakte ze alleen maar meer overstuur. Ik hield het bij praten tegen haar en vroeg haar of ik haar op mocht tillen. Pas als ze zelf naar me toe kwam om opgetild te worden wist ik dat het goed zat. Op deze manier konden we de duur van de nachtangst verminderen naar een kwartier tot 20 minuten.
We zijn nu anderhalf jaar verder en gelukkig heeft onze dochter er nog weinig last van. Ze huilt wel vaker in haar slaap, maar als ik boven kom en ik zie haar zittend in bed, starend in het niets, weet ik dat het weer zover is en dat ik eigenlijk weinig voor mijn verdrietige meisje kan doen.

Heeft jouw kind ook last van nachtangst (gehad) en hoe gaan jullie hiermee om? Laat het ons weten in een reactie hieronder.

Jody