Berichten

Eén ding wist ik zeker, ik wilde in ieder geval geen babyshower. Ik had mijn vriendinnen dan ook verboden om iets te organiseren. Natuurlijk werd er nog wel even gecheckt voor die tijd of ik er écht niet één wilde of dat ik dat alleen maar zei en stiekem een groot feest verwachtte (want tja, zo wispelturig kunnen zwangere vrouwen nou eenmaal wel zijn). Maar nee, ik wilde het echt niet.

De babyshower van een ander

Maar de babyshower van een ander is natuurlijk een ander verhaal. Hoewel daar ook de nodige issues voorbij komen…

  • De gastenlijst… wie nodig je wel en niet uit. Handig om dit van tevoren een keer subtiel te vragen. Je wilt niet mensen uitnodigen die de zwangere er eigenlijk niet bij wilt hebben (wat een ongemakkelijke situatie zou dat geven… ik lach nu al hard op) en je wilt voorkomen dat je belangrijke mensen mist. Gewoon vragen dus.
  • En dan volgt de groepsapp. Een verzameling van vriendinnen, (schoon)moeders, (schoon)zusjes, tantes of collega’s. Mensen die elkaar waarschijnlijk zelden in reallife ontmoeten zitten opeens in één app en moeten het eens worden over de locatie, eten, activiteiten en het cadeau. Gelukkig zijn er altijd één of twee die het voortouw nemen. Heel fijn in dat soort soms wat ongemakkelijke app gesprekken. 
  • Over het eten zou ik niet te lang nadenken. Op alle babyshowers waar ik tot nu toe ben geweest werd het na lang wikken en wegen een high tea. Weliswaar een aangepaste high tea want de zwangere mag niet zoveel natuurlijk, maar veel variatie zat er niet in. Bespaar je de moeite dus 😉.
  • Het meeste verschrikkelijke onderdeel van de babyshower vind ik de activiteiten. Blijkbaar is het normaal dat er iets van een spelletje wordt gedaan. Van babypotjes proeven enz. krijg ik echt een allergie. Dus als ik dan in de organisatie zit moeten er wel een beetje leuke en originele activiteiten worden bedacht. Daarmee haal ik me natuurlijk meteen weer veel werk op de hals. Samen met de meiden hebben we voor de eerste babyshower van Nadia trouwens hele leuke dingen bedacht. Althans vonden wij.
  • Het leukste is natuurlijk als de babyshower een verrassing is voor de zwangere. Een onmogelijke taak! Ze weet dondersgoed dat er één georganiseerd wordt (tenzij de instructie anders was 😉) en vanaf de start van haar verlof heeft ze zeeën van tijd en dus zat tijd om alle smoesjes van haar vriendinnen binnen mum van tijd door te hebben. 
  • Check de eerste zit erop. Maar gaan we bij de tweede, derde en wie weet hoeveel er nog volgen wéér een babyshower organiseren?
  • Volgens mij is het een ongeschreven regel dat de eerste babyshower “groots” wordt gevierd en daarna niet meer.  Een regel die ik met liefde aanhoudt want babyshowers organiseren (net zoals vrijgezellenfeestjes trouwens) zijn nou eenmaal niet mijn favoriete bezigheden.
  • Ergens natuurlijk ook een rare regel want waarom zou je alleen de eerste keer vieren dat er een baby op komst is en waarom wil je alleen dan de zwangere in het zonnetje zetten? Alsof het daarna niet meer nodig is. Juist daarna! Bij nader inzien moet misschien juist de eerste overgeslagen worden en moet het bij elk kind daarna steeds groter gevierd worden.

Waarschijnlijk word ik na dit blog nooit meer gevraagd op een babyshower! Oeps!

Lees ook mijn blog: De bevalling van een ander

Muriël

Zo vlak voor de uitgerekende datum van Nadia, werd het tijd om na te gaan denken over welk geboortebord we in hun tuin zouden zetten. De geboorte van ons nieuwste vriendje moest natuurlijk wel leuk aangekondigd worden. Er gingen, zoals dat altijd gaat in een groepsapp, de nodige appjes overheen voordat we het eens werden want de keuze is groot en de kosten variëren nogal. Tja, wat moet je dan kiezen.

Om jullie mee te nemen in de zoektocht naar een leuke geboortebord; hier een aantal varianten op een rij…

Waar eerder de ooievaar het klassieke geboortebord was, is dat tegenwoordig deze paal geworden. Deze heb je ongetwijfeld ergens een keer zien staan. Kosten: variëren tussen de 25 en 35 euro.

Bron

Maar hoe schattig is het om een grote tijgertje, Nijntje of Mickey-mouse in je tuin te hebben die de naam van je newborn onthult. Kosten: variëren tussen de 20 en 30 euro.

Bron

Wil je het anders dan anders aanpakken dan kun je misschien voor een soort banner gaan. Een ijzeren frame met een groot doek erin. Erg leuk! Kosten: 50 euro (doek) + 7,50 huur per week (frame)

Bron

Het geboortebord voor op het raam. Ideaal voor als er geen tuin is om een ooievaar of een paal in de grond te steken. Kosten: variëren van 31.50 tot 39.95 euro.

Bron

Als er dan toch geen tuin is, kun je ook voor een leuke raamsticker kiezen. Kosten: 14,50 euro.

Bron

Wil je het groots aanpakken dan kun je natuurlijk ook een gigantische opblaasbaby in de tuin laten zetten. Kosten: de huurprijs staat niet op de site vermeld… uhh dat zegt meestal al genoeg 😉

Bron

Mag het een bord met een tikkeltje humor zijn? Dan is dit misschien iets. Ik vind dit erg grappig… bij een ander dat wel haha. Kosten: huurprijs van 19,00 (voor de eerste week).

Bron

Nieuwsgierig naar welke wij uiteindelijk kozen? Het geboortebordje met de verschillende kleine bordjes erop, zoals op de eerste afbeelding op het blog. Die blijft leuk!

Muriël

Toen we tijdens mijn vorige zwangerschap hoorden dat we in verwachting waren van een meisje, wisten we bij wijze van dezelfde avond nog dat ze Vayèn zou gaan heten. Hoe anders was dat deze keer. Toen we hoorden dat het een jongetje was, moesten we hier in eerste instantie even aan wennen. Gek genoeg waren we er allebei van overtuigd dat óók onze tweede een meisje zou zijn. Maar ook toen we eenmaal gewend waren aan het feit dat we een zoon zouden krijgen, was het voor ons niet meteen duidelijk wat dan zijn naam moest worden.

We waren er uit!

Een jongensnaam was in mijn ogen véél moeilijker, en bovendien hadden we het onszelf niet al te makkelijk gemaakt door de naam van onze dochter. De namen moesten natuurlijk wel bij elkaar passen. Een Pim of Daan naast een Vayèn dat vond ik geen mooie combinatie. Uren zocht ik online naar inspiratie, en het duurde echt even voordat we besloten dat onze zoon Julian zou gaan heten.

Vanmorgen is onze zoon Julian geboren

Een vriendinnetje van mij was in januari uitgerekend en verwachtte ook een jongetje. In de week van haar uitgerekende datum droomde ik dat hun kindje Julian zou gaan heten. Stom toeval dacht ik, maar toch appte ik haar (toevallig op de dag voor haar bevalling) dat ik bang was dat we wel eens dezelfde naam konden hebben. “Vast niet, dat zou wel heel toevallig zijn”, was haar reactie. En vervolgens “Ik zal je vast gerust stellen, onze naam heeft meer dan vijf letters”. Oei… Ik heb natuurlijk niets laten merken, maar haar antwoord stelde me allesbehalve gerust. Maar anderzijds, ze had natuurlijk gelijk. Het zou wel héél toevallig zijn…

De volgende dag kreeg ik een berichtje met een foto van een prachtig kindje. “Vanmorgen om 6.30 is onze zoon Julian geboren……” Ooohh neeeee! Wat nu?!

Stof tot nadenken

Nog voordat ik mijn vriendin feliciteerde (sorry Nat!) belde ik mijn man. “Neeeee! Ze hebben onze naam!” Mijn vriend reageerde heerlijk nuchter en zei: “Het is een mooie naam, dus dat is niet gek.” Om te vervolgen met een betoog waarom dat onze keuze wat hem betreft niet zou beïnvloeden.

Voor mij was dat nog niet zo vanzelfsprekend. Hoewel mijn vriendinnetje niet in dezelfde plaats woont, en ik haar ook niet wekelijks spreek, voelt het ergens toch niet zo leuk dezelfde naam te kiezen. Stof tot nadenken dus…

Het geboortekaartje

Toen we een aantal dagen later het geboortekaartje ontvingen, viel ik zowat van mijn stoel. Ik had zélf een concept geboortekaartje gemaakt in Photoshop, maar het geboortekaartje dat wij van haar ontvingen was weliswaar in een andere kleur, maar leek er verder behoorlijk op. Zie foto’s!

Links, mijn eerste ontwerpje en rechts het geboortekaartje van mijn vriendin.

Wederom stom toeval, maar ik vond het niet leuk om én dezelfde naam én een lookalike kaartje te hebben! Diezelfde avond besloot ik in ieder geval een nieuw geboortekaartje te maken. En de naam? Die hebben we uiteindelijk gewoon gekozen, zonder te overleggen met mijn vriendin. Toen ik haar na de geboorte van Julian vroeg of ze het vervelend vond, en haar dit blog liet lezen, moest ze ontzettend lachen. En dat de naam en het (eerste) geboortekaartje zo op elkaar leken, getuigt volgens haar van goede smaak 😉!

Nadia

Al enige weken weten we dat er in mijn buik weer een “groot” kind groeit. Om de twee weken krijg ik een groei echo, en elke keer blijkt dat de baby aanzienlijk groter is dan andere baby’s met dezelfde termijn. Aangezien mijn bevalling de vorige keer een hel was en dat dit mogelijk te maken had met de grootte van onze dochter, heeft de gynaecoloog al halverwege deze zwangerschap aangegeven dat ik wat haar betreft via een keizersnede zou mogen bevallen.

Een opluchting!

En dat was in eerste instantie best een opluchting! Want ondanks dat een keizersnede écht geen pretje is én het herstel in de regel aanzienlijk langer duurt dan bij een natuurlijke bevalling, zie ik toch ook wat voordelen. Om te beginnen zullen ze me niet veel langer dan 40 weken laten doorlopen. En dat is een fijne gedachte, want (bijna) iedereen die (meer dan 40 weken) zwanger is geweest zal erkennen dat die laatste dagen toch wel wat zwaarder zijn. En ik kan me voorstellen dat dat deze zwangerschap nog wat meer het geval zal zijn, aangezien er ook een peuter rondloopt hier.
Een bijkomstig voordeel voor een control freak zoals ik, is dat je al geruime tijd voor de uiteindelijke datum weet wanneer je de kleine mag verwelkomen. En dat is toch best handig in verband met het regelen van oppas etc.

Nouja, dat dacht ik dus…

Een geplande keizersnede vanaf 39 weken

Want totdat ik bijna 37 weken zwanger was, was de geplande datum van de keizersnede ook voor mij een grote verrassing.

(Even off topic: Dit overigens tot groot ongeloof én ongenoegen van mijn vriendinnen, die me zelfs al uitdaagden een blog te schrijven: “De voordelen van het voorliegen van je vriendinnen over de datum van de geplande keizersnede”. Echt meiden, ik wist het echt nog niet!).

In principe wordt een keizersnede ingepland vanaf de 39e week van de zwangerschap, zo werd me verteld door de gynaecoloog. En laat mijn eigen gynaecoloog nou nét in mijn week 39 niet aan het werk zijn… Blijven er een aantal opties over: 1) De baby wordt al voor de 39 weken gehaald, 2) de baby wordt pas in week 40 gehaald, of 3) een andere gynaecoloog gaat de operatie doen.

De datum is eindelijk bekend!

Elk bezoekje aan de gynaecoloog vroeg ik om duidelijkheid, maar tot aan mijn laatste bezoek kreeg ik dit keer op keer niet. Tot aan… Betekent dat dat ik het nu wel weet? Ja, klopt!
En dat vind ik fijn, want nu kan het aftellen echt beginnen! Tegelijkertijd vind ik het lastig, want het wordt continu aan me gevraagd, en mijn vriend en ik hebben besloten de datum voor onszelf te houden. Natuurlijk mogen onze ouders, broertjes en schoonzusjes het (tegen die tijd) weten – al is het alleen al omdat we oppas nodig hebben 😉. Maar verder houden we het nog even geheim. Er mag nog wel iets een verrassing blijven toch 😊?!

Enne lieve vriendinnen en lieve lezers, op het moment dat de baby er is horen jullie het heus!

Nadia

Onlangs zat ik bij de verloskundige en raakte ik aan de klets met een andere zwangere. We waren beiden aan het wachten op de uitslag van de suikertest (en dat duurt wel even!) dus al snel hadden we het over van alles en nog wat: zwangerschapsklachten, geboortekaartjes, babykamers en ook over de kraamvisite. Ze vroeg me hoe wij de kraamvisite bij onze tweede zouden regelen. Misschien naïef, maar ik had hier nog niet echt over nagedacht. “Gewoon thuis, kraamvisite net zoals bij de eerste denk ik” was mijn antwoord. Ze bleef even stil en ik zag haar twijfelen of ze haar ervaringen met me zou delen en me van haar mening zou voorzien.

Na een aanmoediging van mijn kant vertelde ze dat ze uit ervaring sprak als ze zou zeggen dat kraamvisite bij een tweede kindje toch nét even iets anders is dan bij de eerste. En dat ze om die reden een babyborrel zou aanraden. Eerlijk is eerlijk, haar betoog bracht me behoorlijk aan het twijfelen.

Lees mee, en huiver 😉!

Dit zijn dus de ervaringen van de dame bij de verloskundige, maar ik kan me er eerlijk gezegd wel wat bij voorstellen. Bij een eerste staat je hele leven in het teken van dat eerste kindje. Je wilt dat kindje aan iedereen showen, en het maakt niet zo heel erg veel uit hoe laat de visite precies komt, en hoe lang ze blijven zitten. (Ok, uitzonderingen daargelaten. Er zijn altijd mensen die de kraametiquette niet kennen en véél te lang blijven plakken 😉). En bovendien, een ritme heb je toch nog niet. Maar na de geboorte van je tweede kindje, heb je er nou eenmaal nog één om rekening mee te houden. Wanneer de visite ’s avonds komt kun je er op rekenen dat ze het leuk vinden om ook de oudste nog even te zien (“Ahh, je houdt d’r nog wel even wakker toch?). Vervolgens besluit je misschien dat de oudste wel ietsje langer mag opblijven (het is tenslotte feest). Maar zo lang de visite er is, krijg je die vervolgens niet meer naar bed. Veel te gezellig beneden. Het zorgvuldig opgebouwde ritme van de afgelopen maanden ben je binnen no time kwijt.

Daarnaast wil je ook het gezinsleven door laten gaan en genoeg tijd besteden aan de oudste en leuke dingen doen als gezin. Maar met alle visite die graag langs wil komen, heb je alle avonden en weekenden zowat volgepland, en blijft er weinig quality time met het gezin over. OEPS. Klinkt best aannemelijk moet ik bekennen. Zo had ik er nog niet naar gekeken.

Kraamfeest?

Thuisgekomen besloot ik dit verhaal te delen met mijn man. Ook hij begon te twijfelen door dit verhaal. Natuurlijk lijkt het ons geweldig om ons kleine mannetje straks aan iedereen te showen, maar is het niet inderdaad verstandiger dat in één keer te doen? Zodat we niet wekenlang volgepland zitten met kraamvisite? We besloten de mogelijkheden, én de (in onze ogen) voor- en nadelen van een kraamborrel op een rijtje te zetten. Gewoon voor onszelf, omdat we simpelweg nog niet echt weten wat we zullen doen. Maar wellicht zit je in hetzelfde schuitje, en helpen onze overwegingen bij het maken van jouw keuze 😊!

Voordelen kraamfeest

  • Het belangrijkste voordeel in mijn ogen: Een kraamfeest plan je veelal pas na een aantal weken, dus je hebt tijd om de eerste weken lekker te genieten van je gezinnetje.
  • Je ontvangt al je visite in principe in één keer, dus niks geen agendastress. Dat is namelijk wel een dingetje geweest bij ons de vorige keer. Ik vond het maar wat leuk dat al die mensen de moeite wilden nemen ons meisje te bewonderen, en kon dus moeilijk nee zeggen. In de weekenden hadden we soms wel drie “shifts” visite. Dat sowieso nooit meer!
  • Organiseer je een borrel op locatie, heb je niet al die visite (en rommel) thuis. Nou valt de rommel waarschijnlijk wel mee als je de visite in niet al te grote groepen tegelijk laat komen, maar ik heb aardig wat (vriendinnen met) kleine kindjes in mijn omgeving. En tsjah, kleine kids maken nou eenmaal rommel.

Nadelen kraamfeest

  • Het allergrootste nadeel in mijn ogen: een kraamborrel kost véél geld! Natuurlijk kun je het zo duur maken als je zelf wilt en kun je kiezen voor een locatie waar je eventueel zelf de catering mag verzorgen om de kosten te drukken. Maar op dit moment heb ik nog wel zoiets van: als ik het doe, doe ik het goed! We hebben inmiddels contact gehad met verschillende locaties, en áls we voor een kraamborrel gaan, dan willen we een locatie met zowel binnen- als buitenmogelijkheid (want: midden in de zomer), met vermaak voor de (vele!) kinderen en het liefst met catering. Hoewel de prijzen behoorlijk uiteen lopen, moet je toch al gauw rekenen op een tientje per persoon. Verwacht je veel gasten, dan tikt dat dus aardig aan.
  • Ik ben een gezelligheidsdier en houd van mensen om me heen. Hoewel het me aan de ene kant heel erg lekker lijkt om de eerste weken vooral van mijn gezinnetje te kunnen genieten, lijkt het me ergens ook heel erg saai. Stiekem is het best wel leuk dat al die mensen de moeite en tijd nemen om je uk te komen bewonderen, toch?
  • Tijdens een babyborrel komen er veel mensen in een korte tijd, waardoor je waarschijnlijk niet met iedereen een persoonlijk gesprek kunt voeren.
  • Er zullen ook altijd nog mensen zijn die alsnog voor de borrel bij je langs willen komen (gezellig 😉), maar als je hierin zelf niet een duidelijke grens durft aan te geven (me!), doe je het eigenlijk dubbelop.

Wat een dilemma’s hé?! Mijn man en ik hebben er al een aantal keer samen over gehad, en hebben zelfs twee locaties in optie staan, maar tot op heden weten we niet zeker wat we gaan doen. Wat zijn jullie ervaringen? Heb je nog tips voor me?

Lees ook: Wat een nieuwe moeder niet zegt maar wel denkt over kraamvisite!

Lees ook: Geen beschuit, wel muisjes.

Nadia

Dat de bevalling van mijn dochter geen pretje was, daar heb ik nooit een geheim van gemaakt. Maar één van de redenen waarom die bevalling een hel was heb ik niet eerder met jullie gedeeld. In de biechtstoel dus…

Vayèn paste er simpelweg niet door. Vayèn was nogal een flinke baby. Hoe groot dan? Nou houd je vast. Ze woog 4685 gram en was 53 cm lang. En dat is voor een meisje aanzienlijk groter dan gemiddeld.

Lees ook: Bevallingsverhaal Nadia deel 1
Lees ook: Bevallingsverhaal Nadia deel 2

Zo, dat is er uit!

Direct na de keizersnede zeiden de artsen dat ze niet verwacht hadden dat er zo’n grote baby in mijn buik zat. Ook de verloskundigen hebben tijdens de controles nooit gezien dat Vayèn groter was dan gemiddeld. Sterker nog: tot ongeveer driekwart van mijn zwangerschap is mij verteld dat mijn baby aan de kleine kant zou zijn.

Hollands welvaren

In het ziekenhuis kwam de één na de andere arts en specialist kijken naar Vayèn, want jeetje, zo’n grote baby zagen ze toch niet dagelijks. En hoe meer er grappen werden gemaakt over “Hollands Welvaren” en “heerlijke babyvetten”, hoe minder leuk ik het vond.

Niks maatje 50

Ik had schattige babykleertjes mee in maatje 50, die al direct bij de geboorte te klein waren. Natuurlijk had ik ook maat 56 bij me, dus de baby had echt wel passende kleertjes, maar leuk vond ik het allerminst. Ik had me verheugd op een schattig klein baby’tje, en nu zat ik met een halve peuter in mijn handen. Oké, ik overdrijf nu heus, maar het was echt even schakelen.

Die opmerkingen, aargh!!

En ook na mijn tijd in het ziekenhuis, terwijl ik mezelf er steeds aan herinnerde dat ik “lekker veel baby had om van te houden”, bleven de opmerkingen komen:

Kraamhulp: “Ik weet niet of de weegschaal dat aan kan hoor. En mijn armen. Ha ha ha.”
Kassamedewerker: tijdens mijn eerste bezoekje aan supermarkt: “Jeeeeetje, wat een reus zeg.”
Osteopaat: “Lekkere kleine buddha.”
Kraamvisite A: “Poeh, ze is echt wel zwaar hoor.”
Kraamvisite B: “Ach, jullie zijn allebei ook niet klein he, wat had je dan verwacht?”
Kraamvisite C: “Dat is gewoon dubbel zo zwaar als de baby van vriendin X. Heavy!”

Lees ook: 8 x  wat je niet moet zeggen tegen een new-mom

Zwangerschapssuiker

Waar ik ook kwam, of wie er ook kwam, continu werd er ingepeperd dat Vayèn wel erg groot was. Bij het consultatiebureau zat Vayèn ruim boven de “normale” curves in de grafiek, en de verpleegkundige vroeg me of ik geen zwangerschapssuiker had gehad. Zwangerschapswattes? Ik had er werkelijk nog nooit van gehoord, laat staan dat ik er op getest was.

Zwangerschapssuiker is een ander woord voor zwangerschapsdiabetes, en gezien de grootte van Vayèn is het waarschijnlijk dat ik dat inderdaad gehad heb. Reden te meer om hier bij een volgende zwangerschap erg alert op te zijn.

(te) Hoge suikerwaarden

Vanaf vroeg in mijn tweede zwangerschap worden mijn suikerwaarden dan ook scherp in de gaten gehouden. En vanaf het begin van de zwangerschap, zijn deze aan de hoge kant. Dit bevestigt voor mij des te meer dat ik tijdens de zwangerschap van Vayèn inderdaad zwangerschapsdiabetes heb gehad. Ik  ben boos geweest, dat ik er niet op getest ben. Want dan had er misschien iets aan gedaan kunnen worden, of hadden ze me niet tot 41 weken laten doorlopen en was de bevalling daardoor heel anders verlopen.

Inmiddels heb ik me er bij neergelegd (ik kan het toch niet meer veranderen), en ben ik blij dat mijn suikerwaarden nu wel goed in de gaten worden gehouden. De gynaecoloog heeft al aangegeven dat het zeer waarschijnlijk is dat ook deze baby aan de grote kant zal zijn, dus kleertjes in maatje 50 die koop ik nu maar niet.

Zijn er meer moeders hier met grote baby’s? Moesten jullie er ook aan wennen? En wat zijn jullie ervaringen?

Nadia

ADVERTORIAL

AAAAAHHHGGGGG wat is het toch vreselijk moeilijk om een fotoboek van je kindjes te maken. De duizenden foto’s die je afgelopen jaar hebt gemaakt kunnen no way in één album. Nu mijn dochter bijna één jaar is kamp ik dus met dit dilemma en blijf ik het maar uitstellen. Maar…

Ik mocht van kroost.nl een babyboek maken. Dit is een super gaaf ontworpen fotoalbum waarin je op een makkelijke manier de hoogtepunten van het eerste jaar van je spruit kunt plaatsen. Je kunt kiezen uit de boeken: hip, stoer of lief. Hiermee bepaal je gelijk de kleuren van je boek. Voor iedere maand is er een mooi opgemaakte pagina met een aantal plekken voor de allerleukste foto’s.

Oké, je moet echt nog steeds zelf de selectie maken (mijn selectie bestond uit “máár” 200 foto’s :) ). Maar wat echt enorm handig is, is dat het programma de foto’s voor je op volgorde zet van nul tot twaalf maanden (op basis van de datum waarop de foto is gemaakt). Daar hoef je gelukkig al niet meer zelf over na te denken. In het boek is naast de leukste foto’s van iedere maand ook ruimte voor foto’s van het kraambezoek, de eerste hapjes en stapjes, de uitjes en natuurlijk de 1e verjaardag!

Kortom, een geweldig mooi overzicht van het eerste jaar van je baby! En wat nou echt leuk is? Wij mogen er één verloten ter waarde van € 69.95! Doe mee voor dit mega hippe, stoere of lieve babyboek! Door te reageren onder dit blog of het Facebookbericht.

Heb je deze winactie gemist maar wil je wel graag een foto jaarboek maken kijk dan op Kroost.nl!

Tips bij het maken van je babyboek:

Tip #1:

Probeer zoveel mogelijk originele foto’s te gebruiken. Hierdoor kan het programma jouw foto’s al op de juiste volgorde laten zien. Bovendien is de kwaliteit van WhatsApp beelden veel minder goed. En natuurlijk mogen er alleen foto’s van heel goede kwaliteit in je boek ?!

Tip #2:

Je kunt per pagina foto’s selecteren uit je “fotorol”. Plak steeds iets meer foto’s dan nodig op je prikbord zodat je kunt spelen met de compositie.

Tip #3:

Heb je alle foto’s paraat? Dan is dit boek in een uurtje te maken! Geen smoesjes meer dus ;).

Irene

“Het is écht een aanrader, je kunt het zien als een combinatie van zwangerschapscontroles en een pufclub”, zegt de verloskundige. Bij het woord pufclub haak ik eerlijk gezegd al af. Dat is niet echt mijn ding. De verloskundige ratelt door “een groep meiden die ongeveer net zo ver zijn in de zwangerschap [….], ervaringen delen […..], nieuwe vriendschappen [….], in het begin eens in de vier weken, later om de week [….], heel leerzaam”. Ik onderbreek haar en geef aan dat ik het niet zie zitten. Wanneer de afspraak ten einde loopt geeft ze me een flyer mee over Centering en vraagt me er thuis nog eens naar te kijken.

Een paar dagen later hoor ik in de bus een meisje vertellen dat ze bij haar verloskundige iets “nieuws” hebben. In plaats van de reguliere controles krijgt ze groepscontroles. Het meisje in de bus is erg enthousiast. Zo onopvallend mogelijk, probeer ik zo veel mogelijk van het gesprek op te vangen. Stiekem ben ik toch wel nieuwsgierig.

Wat is Centering Pregnancy?

Thuis lees ik de informatiefolder en daarnaast zoek ik o.a. op de website van mijn verloskundige Doevedans naar meer informatie. Bij Centering Pregnancy word je door je verloskundige ingedeeld in een groep van 8 tot 10 zwangere vrouwen die maximaal een maand met je schelen qua uitgerekende datum. In plaats van reguliere zwangerschapscontroles van zo’n vijftien minuten, worden er gedurende de zwangerschap een aantal sessies van zo’n twee uur ingepland. Aan het begin van elke sessie heb je individueel contact met je verloskundige voor de controle (denk aan hartje luisteren, ligging van de baby etc.). Daarna worden in groepssetting verschillende thema’s (denk bijvoorbeeld aan zwanger zijn en alle ongemakken die daarbij horen, borstvoeding en de bevalling) besproken.

Ook lees ik dat recent onderzoek (weliswaar in Amerika) heeft uitgewezen dat vrouwen die hebben deelgenomen aan Centering betere gezondheidsresultaten boeken dan zwangeren die individuele begeleiding hebben gehad.

Hoewel ik nog steeds mijn twijfels heb of Centering bij me past, besluit ik me na mijn ‘research’ in te schrijven. Natuurlijk wel nadat ik heb gecheckt of ik na één of twee keer alsnog kan besluiten uit de groep te stappen als het me niet bevalt (en dan kon).

Mijn ervaringen

Met de nodige vooroordelen en met frisse tegenzin ga ik naar de eerste Centering bijeenkomst toe. Het zijn vast allemaal van die moekes. En we gaan vast thee drinken, klagen en suffe opdrachtjes doen. Bij binnenkomst kan ik het eerste vooroordeel direct van m’n lijstje strepen. Het zijn hartstikke leuke meiden! De andere vooroordelen kloppen aardig. Maar eerlijk is eerlijk, thee drinken en ondertussen de dagelijkse struggles van m’n lotgenoten aanhoren, is eigenlijk best gezellig. Ik heb dan ook zonder tegenzin de overige 8 bijeenkomsten gevolgd en zette de voor- en nadelen (in mijn ogen) voor je op een rijtje.

Voordelen

  • Je ontmoet andere zwangere vrouwen die ongeveer op hetzelfde punt zijn in de zwangerschap als jij. Je kunt je ervaringen delen, en af en toe héérlijk samen klagen.
  • Je leert je verloskundige beter kennen dan tijdens reguliere controles. Op zich best fijn dat je iemand die jou op één van de meest intieme en bijzondere momenten van je leven moet begeleiden al een beetje kent ?!
  • Er is meer tijd voor je. Waar je tijdens de reguliere controles misschien de tijdsdruk voelt (er is immers maar een kwartiertje voor je gereserveerd) is er tijdens deze bijeenkomsten tijd genoeg om al je vragen te beantwoorden.
  • Het zorgt voor een betere voorbereiding op het moederschap/de bevalling. Thema’s waar je anders wellicht niet (lang) over na zou denken, worden nu uitgebreid behandeld. Vragen die je zelf misschien niet zou bedenken, worden door anderen gesteld.
    Ook is het interessant om de meningen van anderen te horen. Zo was ik er van overtuigd om geen borstvoeding te geven, maar na de thema avond over borstvoeding besloot ik het op z’n minst te proberen.
  • De data voor al je afspraken staan al geruime tijd van te voren vast. Heerlijk voor een controlfreak zoals ik. Vullen maar, die agenda!
  • Juist nadat alle baby’s geboren waren draaide de whatsappgroep van onze Centering groep overuren. Het is erg handig dat je andere nieuwe moeders kunt vragen naar hun ervaringen, en dat je tips kunt uitwisselen. Ook zijn er meerdere babydates geweest, waarbij we bijvoorbeeld met z’n allen gingen (baby-)zwemmen of lunchen. Gezellig!

Klinkt goed toch? Toch heb ik ook een groot verbeterpunt…

Nadeel

  • Om eerlijk te zijn vond ik de bijeenkomsten meestal niet van een bijster hoog niveau. De opdrachten die we moesten doen vond ik regelmatig kinderachtig. Voorbeeld: een treinbordje omhoog houden terwijl je stellingen moet beantwoorden (zoals: vanaf het moment dat mijn kleine tandjes krijgt, moet je beginnen met poetsen, waar of niet waar? Behoorlijke open deur, toch?!)

Laat dit punt overigens niet al te zwaar meetellen in je overweging, want ik kan me goed voorstellen dat het niveau van de bijeenkomsten per praktijk, of zelfs per verloskundige kan verschillen!

Dus: Centering Pregnancy: een aanrader?

Ja! Zou ik Centering moeten beoordelen met een rapportcijfer, dan krijgt het van mij een nette 7+. Wanneer de bijeenkomsten inhoudelijk van een iets hoger niveau waren geweest, dan zou ik gerust een 8 of 8,5 geven.

Heb jij ook Centering gevolgd? Ik ben heel benieuwd naar je ervaringen! Deel je mijn mening, of heb je juist hele andere ervaringen? Ik hoor het graag!

Nadia

Mijn bevalling is begonnen! Na een bijzondere dag waarop ik met beginnende weeën een nieuwe stofzuiger kocht, mijn schoonmoeder onverwachts op bezoek kwam terwijl ik boven op bed de weeën lag weg te puffen, en waarop we onderweg naar het geboortecentrum samen de slappe lach kregen over de vermoedelijke geboortedatum van onze dochter (lees mijn vorige blog), komen we rond een uur of vijf ’s middags aan bij het geboortecentrum.

In het geboortecentrum

Aangekomen bij het geboortecentrum haalt mijn vriend een rolstoel. Hoewel ik vooraf gezworen heb dat ik écht niet in een rolstoel ga zitten om “dat kleine stukje van de parkeerplaats naar het geboortecentrum” te lopen, is dat nu totaal geen discussiepunt. Dankbaar ga ik zo snel mogelijk zitten.

We krijgen een kamer toegewezen en terwijl mijn vriend alle spullen uit de auto haalt, installeer ik mijzelf op bed. De dienst van de verloskundige die bij ons thuis kwam zat er op. Haar vervanger zou later op de avond naar het geboortecentrum komen. Tot die tijd moeten we ‘het doen’ met een kraamverpleegkundige van het ziekenhuis. Een lieve vrouw, die zowel mijn vriend als mij geruststelt, en me helpt de weeën weg te puffen.
Om een uur of zeven doet het toch wel érg veel pijn, en ik vraag de kraamhulp om mijn verloskundige te bellen.

De kraamhulp probeert me af te leiden, en stelt voor om in bad te gaan. Ik laat me over halen en enkele minuten later zit ik tot mijn eigen verbazing in bad. Nog zoiets waarvan ik voor mijn bevalling bij hoog en laag volhield dat ik sowieso niet zou doen. Maar goed, nood breekt schijnbaar wet. Het warme water verlicht de pijn. Voor even dan. Een half uur later geef ik opnieuw aan dat ik het erg fijn zou vinden als mijn verloskundige eerder komt. Ik wil NU een ruggenprik!

Goed nieuws en slecht nieuws

Als om kwart over acht dan eindelijk mijn verloskundige komt, klauter ik (met de hulp van mijn vriend, kraamhulp en verloskundige) uit bad en stort ik me weer op bed. De verloskundige breekt mijn vliezen en voelt hoeveel centimeter ontsluiting ik heb.
Ze komt naast me zitten. “Ik heb goed nieuws en ik heb slechts nieuws”, vertelt ze. “Je hebt bijna volledige ontsluiting, dus dat betekent dat je je kindje écht bijna in je armen mag sluiten”. Dat was het goede nieuws. “Maar…” zo gaat ze verder, “de baby heeft in het vruchtwater gepoept. Niet verdrietig worden, maar je moet daarom worden overgedragen aan het ziekenhuis”.

Bijna moet ik lachen. Is dit slecht nieuws? I really don’t care! Over een uur zal ik mijn meisje in mijn armen hebben. Of ze nou geboren wordt in het ziekenhuis of in het geboortecentrum. Het maakt me werkelijk niets uit.

Persen, persen, persen!

Het geboortecentrum is een soort van bijgebouw, dat vast zit aan het ziekenhuis, dus met bed en al word ik doorgereden naar een ziekenhuiskamer. Baby en ik worden aangesloten op diverse monitoren en de verloskundige draagt het over aan een arts uit het ziekenhuis. Er wordt opnieuw gemeten, en ik heb volledige ontsluiting. Yes! Ik mag gaan persen. Omdat het aannemelijk is dat de baby nu echt elk moment gaat komen, besluit de verloskundige bij de bevalling te blijven.

Ik word van alle kanten aangemoedigd en toegejuicht. Ik pers zo veel en zo hard als ik kan, maar er gebeurt letterlijk niks. Wanneer de arts vertelt dat het nu wel écht gaat branden beneden, omdat het hoofdje er aan moet komen, geef ik aan dat het helemaal niet brandt. Ik weet zeker dat er ondanks al mijn inspanningen, nog niks gebeurt daar beneden en zeg dit meermaals tegen de artsen. Het lijkt wel of mijn opmerkingen niet gehoord worden of niet serieus worden genomen, want de aanmoedigingen gaan maar door. “Kom op, je kunt het! Echt!”.

Het duurt en het duurt. De arts verlaat meerdere keren de kamer om te overleggen met de gynaecoloog. Toch komt ze elke keer weer terug, met maar één advies: Persen!
Hoewel ik voel dat ik het niet lang meer volhoud, laat ik me overtuigen om de baarkruk te proberen. En daarna probeer ik staand de baby er uit te persen. En dan weer gaan mijn benen in de beugels. Helaas allemaal zonder resultaat. Na ruim twee uur geperst te hebben zonder ook maar enig resultaat, ben ik compleet uitgeput. Ik krijg weeënremmers om op adem te komen.

Ik lijk wel een koe!

De gynaecoloog wordt er bij gehaald. Het is tijd voor zwaarder geschud. Ze geeft aan dat we ‘de cupjes’ gaan proberen. Ik heb wel een vermoeden wat dat betekent en heb geen puf om door te vragen. Het bed wordt voor de helft afgekoppeld, een arm gaat ver mijn vagina in en de vacuümpomp wordt geplaatst op het hoofd van mijn dochter. “Bij een volgende perswee, ga ik je een handje helpen”, aldus de gynaecoloog. Ik geef aan dat er een perswee komt en pers met mijn allerlaatste krachten zo hard als ik kan. De gynaecoloog zet zich met één voet af tegen het bed, en trekt met haar volledige gewicht aan het hoofdje van de baby. Ik lijk verdorie wel een koe, besef ik me tijdens het persen. Maar koe of niet, helaas hebben ook ‘de cupjes’ geen enkel resultaat. We proberen het nog twee keer, en voordat ik het weet, in een fractie van een seconde, staat de kamer ineens vol met mensen.

Een (spoed-)keizersnede

“De hartslag van de baby valt weg!”, “We gaan NU over tot een spoedkeizersnede”. Veel tijd om dit te laten bezinken krijg ik niet. Met bed en al word ik de kamer uit gesjeesd. Vriend krijgt een OK-pak, ik krijg een ruggenprik, en slechts enkele minuten later hoor ik het gehuil van een baby. Mijn mooie dochter! Eindelijk is ze er.

Het is inmiddels wel 2 april, dus we zullen toch na moeten denken over originele verjaardagcadeaus !

Nadia